Ga direct naar de content

Opnieuw de binnenstad

Geplaatst als type:
Geschreven door:
Gepubliceerd om: december 20 2018

Rondom de opening in 1974 van de Maxis in Muiden, ‘de eerste weide­winkel van Nederland’, woedden er grote discussies over de wenselijkheid van deze retail-ontwikkeling. Hierbij speelde, naast andere argumenten, de zorg om de toekomst van de binnensteden een belangrijke rol. Veel planologen en gemeentelijke en provinciale bestuurders waren bang voor Amerikaanse toestanden, met grote, perifere winkelcentra en lege stadscentra. Het debat leidde ertoe dat aan de komst van meer van dit soort winkels een halt werd toegeroepen.

Guido van Woerkom – Voorzitter Detailhandel Nederland

In de jaren daarna hebben de binnensteden de ontwikkelingen in de detailhandel echter maar beperkt kunnen bijhouden. De wens tot grootschaliger vestigingen voor de verkoop van meubels en doe-het-zelf-artikelen kon door de kleinschaligheid van de binnenstedelijke panden niet gehonoreerd worden. Ook de toegang met de auto stond onder druk. Dit heeft uiteindelijk toch geleid tot grootschalige winkels aan de randen van veel steden. Bovendien maakte de matige staat van het onderhoud in vele binnensteden het er ook niet aantrekkelijker op om hier te gaan winkelen.

Nu zien we op veel plaatsen een revival van de binnensteden. Die revival begon rond de eeuwwisseling en rust op een viertal pijlers: aantrekkelijke winkels, gezellige horeca, levendige cultuursector en een historisch decor. Sinds de opkomst van het webwinkelen staat de eerste pijler onder druk. De consument is gesteld op gemak, gebruikt liever het eigen huis als paskamer dan een klein hokje in de winkel, en wil 24 uur kunnen winkelen.

Deze webwinkelontwikkeling was al zichtbaar en zal nog een versnelling krijgen als de internetplatformen hun grip op het consumentengedrag gaan versterken. Internetwinkelcentra als Alibaba en Amazone verkopen elk meer producten dan alle winkels tezamen zouden kunnen doen in één groot fysiek winkelcentrum. En ze weten veel meer van een klant en kunnen zo ook gerichter hun marketing voeren. Was het weigeren van een weide­winkel nog haalbaar, een platformbedrijf weren is echter niet meer mogelijk. De opkomst van platformen als Google, Facebook en Apple valt niet tegen te houden. Voor retailers is het zaak om, op alle niveaus, werk te maken van hun digitale vaardigheden. Zelfstandige winkeliers kunnen hiermee aansluiting zoeken bij platformen om zo hun producten wereldwijd aan te bieden.

En onze binnensteden dan? De hoogtijdagen van de filialisering liggen achter ons. Het huidige winkelareaal is ten minste twintig procent te groot. McKinsey spreekt zelfs over een afname van 35 procent tot 2025. Krimp is dus onvermijdelijk, maar graag wel op een door­dachte manier. De consument zoekt beleving en verrassing. Leegstand is besmettelijk en verslechtert het verblijfsklimaat. Winkelconcepten moeten zich aanpassen en gemeenten moeten het initiatief nemen om te zorgen voor een aantrekkelijk verblijfsklimaat. Goede bereikbaarheid, verzorgde parkeerfaciliteiten, stallingen voor de fiets en een passend en verzorgd straatmeubilair. Konden de binnensteden ruim veertig jaar geleden beschermd worden via ruimtelijke-ordeningsmaatregelen, nu in de digitale tijd met zijn krachtige internetplatformen is de binnenstedelijke economie aangewezen op zichzelf en de directbetrokkenen. Een uitdaging voor iedereen die hecht aan een vitaal fysiek platform!

Auteur

Categorieën